Een virtuele operator, hoe gaat dat in zijn werk?

Een virtuele operator die actief is op de markt van mobiele telefonie gebruikt de antennes en het fysiek netwerk van andere operatoren om abonnementen en prepaid simkaarten te kunnen aanbieden. In België hebben er zich doorheen de jaren al een aantal succesvolle virtuele operatoren zoals Voo, Telenet (tot 2017), Mobile Vikings, Carrefour Mobile of Lycamobile ontwikkeld.

Hoe wordt dit mogelijk gemaakt?

Om dit beter te kunnen begrijpen dient er een onderscheid te worden gemaakt tussen 3 types van actoren:

De MNO’s (Mobile Network Operators): zij hebben de fysieke netwerken van de telecommunicatie in handen. Voor België zijn dit Proximus, Orange en Telenet (dat net Base heeft overgenomen).

De MVNE’s (Mobile Virtual Network Enablers): dit zijn de bedrijven die optreden als tussenschakel en op die manier MNO’s en MVNO’s op elkaar afstemmen. Hun rol? Ze bieden technische oplossingen aan waardoor een virtuele operator (MVNO) zijn activiteiten kan opstarten en beheren. Neibo zal voor haar technische ontwikkeling samenwerken met Effortel.

De MVNO’s (Mobile Virtual Network Operators): dit is Neibo. Door gebruik te maken van de diensten van MVNE’s krijgt een virtuele operator toegang tot het netwerk van een MNO. Virtuele operatoren houden zich dus hoofdzakelijk bezig met commerciële en administratieve aspecten van mobiele telecommunicatie (facturatie, client support, commerciële deals uitwerken, etc.).

Samengevat koopt of huurt een MVNO software van een MVNE die haar toelaat om commerciële activiteiten te beheren, en koopt ze belminuten/data van een MNO (via een MVNE) om aan eigen klanten te kunnen aanbieden.